Ik ben een echte Bourgondiër
Ik ben een echte Bourgondiër
Bij onze eerste begroeting in de wachtruimte had Bas (33) mij ferme handdruk gegeven en ging daarna genoeglijk in één van de grote warme bruine stoelen zitten. Hij begon te vertellen over zijn geschiedenis rondom zijn overgewicht. Vroeger kon hij grote hoeveelheden eten en vond hij eten al een heerlijke bezigheid. Hij was heel actief geweest en levenslustig.
“Wat wil je ook, ik was een sportman en ik had in die tijd een body waar de vrouwen gek op waren”, vertelde hij trots. “Maar ja, dan krijg je een drukke baan, een vaste vriendin, onregelmatig eten, vaak uit eten, alleen nog wat sporten voor de lol. U kent dat wel.”
Ik kende dit niet, maar heb het zo gelaten en knikte, want begrijpen kon ik het wel.
Hij zuchtte: “Mijn probleem is dat ik wat te veel van lekker eten houd, ik ben ook een echte Bourgondiër” en gaf een paar klapjes op zijn ronde buik.
Ik vroeg hem wat dit voor hem inhield. Bas noemde dat hij erg van lekker eten hield en dat hij vooral bij het warme eten “flink te keer” kon gaan. Ik vroeg hem of de betekenis van een Bourgondiër een “veelvraat” was . Bijna verontwaardigt: “Nee, dat je van lekker eten houdt”.
Toen vroeg ik hem of hij de tijd nam om te eten en of hij goed kauwde. Met een soort mengelmoes van schaamte en trots vertelde hij dat hij zelfs met de grote hoeveelheid die hij at, meestal als één van de eersten klaar was en of hij goed kauwde wist hij niet: “Nog nooit over nagedacht”.
Ik legde hem voor: “Bedoelt u met van lekker eten houden, genieten van het eten?”
“Absoluut”, zei hij resoluut.
Vervolgens vroeg ik hem of “genieten” en “veel en snel” goed samen gingen en vroeg Bas beide varianten eens te “proeven” en me te noemen wat er in hem op kwam.
Bij het woord:genieten, deed hij zijn ogen even dicht en noemde hij: Lekker, ontspannen en bij de woorden: “veel en snel”, noemde hij : Vol, op, volgende project….
Ik was benieuwd welke Bourgondiër Bas was en welke hij zou willen zijn; de veelvraat of de genieter. “Ik denk dat ik meer als een veelvraat doe, maar wil natuurlijk liever de genieter zijn”, zei hij.
Ik zei hem dat hij volgens mij tot nu toe niet geleefd had als iemand die te veel van eten hield, maar als iemand die van te veel eten hield. “Genieten gaat immers over hoe intens je iets kunt beleven en niet hoeveel je op kunt. Juist als je niet genoeg kunt of durft genieten, kun je jezelf in de veelheid verliezen”.
“Dus ik geniet nog te weinig, ik dacht juist altijd dat ik dat wat te veel deed en dat ik me wat meer moest inhouden. Mijn vriendin valt ook van haar stoel als ze dit hoort; zij zit mij vaak achter de broek met: niet te veel hiervan en niet te veel daarvan. Ik zal haar nu zeggen dat ze me kan vragen: Geniet je er wel genoeg van?”
Hij vond het erg lachwekkend, zijn buik schudde ervan. Ik glimlachte en zei op serieuze toon dat dit me dat een uitstekend idee leek en dat hij er wel eens op kon gaan letten of het hem op die manier nog zou lukken zo veel te eten.
“Zou dat echt zo werken?” Serieuzer nu. En werkt dat ook bij andere dingen dan eten? Ik zei hem dat hij daar mij tijdens ons volgende gesprek vast zelf antwoorden op zou kunnen geven als hij het ging uitproberen. “Natuurlijk probeer ik het uit, dit is veel gemakkelijker en leuker dan een dieetlijstje.”
“Dat zou kunnen… “zei ik met enige terughoudendheid, “maar in ieder geval doet u vast ontdekkingen en nieuwe ervaringen op, wanneer u hiermee gaat oefenen”.
14:13 28-10-2010
