Home  |  Downloads  |  Sitemap  |  Contact

Instituut Xelf

Instituut voor Psychische en Lichamelijke Voeding

Vaak kleine beetjes en dat bewust eten?


Klaas (56) herhaalde mijn woorden: “Daar hew ik thús noait van hoard, ik bin mar un gewoane man, hoar”. “Zes kynders en hast gien broad oppe plank thús, su wast”, vervolgde hij in zijn moederstaal. Ik keek naar zijn grote handen en grote voeten in zijn stevige werkschoenen met stalen punten. “Ik skúf ut spul soa naar binnen, gien geseur. Mut ik nou seker op un muzehapke sitte te prumen”.

“Nee, het moet niet, maar wanneer u een gastric bypass krijgt, betekent dit, dat u een maaginhoud van een klein kind overhoudt en dan kunt u niet meer zo eten als u nu gewend bent. Het is echt handig om, dat wat u nog eet, hapje voor hapje en bewust te doen”. De stoel kraakte onder zijn gewicht van ruim 160 kilo en met zijn bijna 2 meter lengte vulde hij de ruimte behoorlijk. “Het past niet bij uw postuur en wat u gewend bent, maar is echt nodig na een maagverkleining”.

Het was even stil. “Nou en hoe zit ut dan met myn bierke?” Het werd me duidelijk dat hij nu enig zicht begon te krijgen op de consequenties van een maagverkleiningsoperatie en ik vroeg Klaas wanneer en hoeveel hij dan dronk, waarop hij concludeerde: “Man, man, je heule sosjale leven gaat er an”. En ik súp niet iens soa veul. Ast dy jonge ventsjes bij ons hest, dat is skrikbarend wat dy vrete en supe”.

“Wat nu?” vroeg ik hem. “Kenne se dy 60 kilo der niet afsnije… of ut vet weg suge? Se kinne heul wat teugenwoardich” En hij keek me verwachtingsvol aan. “Nee, 60 kilo weghalen zou u het niet overleven, helaas…”. Klaas gaf nog niet op: “30 kilo wel? Dat is mij ok wel goed hoar”. Ik zei hem dat dit helaas ook niet zou gaan. “Nou wat mut ik dan nu, su ken ut ok niet doorgaan. Myn knieën doen al so sear bytiden”.

Ik zei hem dat elke keuze voor- en nadelen had en dat geen van de keuzes gemakkelijk uit te voeren zou zijn en een hele verandering voor hem zou betekenen. “Kin ik niet van alles de helft doën?” Gezien hij zich nog nooit met gewichtsvermindering had bezig gehouden (dit was ook waarom hij van het Centrum Obesitas Nederland  in Leeuwarden eerst naar mij was doorverwezen) zei ik dat dit een goed uitgangspunt zou kunnen zijn. En ik stelde hem voor, te vertellen wat hij zoal at en dronk en te kijken of het nodig en zinnig was alles te halveren.

We kwamen er samen redelijk goed uit en redelijk tevreden stond hij, zijn pijn verbijtend, op uit de stoel. “Ut leek su makkeluk so’n operasy, maar der komt nog heul wat bij kiken. Ik begin hier maar met”. “Dat lijkt me een goed plan en ook meteen naar de fysiotherapeut met die knie hoor” Hij gaf me een geruststellend woord hierover, dat ik niet helemaal vertrouwde, maar een begin was er en ik zou hem twee weken later al weer zien. Dan zou ik horen wat hij werkelijk had gedaan met dit advies, dus liet ik het nu eerst maar zo...


 



14:13 28-10-2010